Katoenen weefsel bestaande uit twee identieke aan elkaar genaaide banen, plantaardig geverfde, hand ...
Katoenen weefsel bestaande uit twee identieke aan elkaar genaaide banen, plantaardig geverfde, hand gesponnen garens. De doek heeft negen motiefbanen (a/b/c/d/e/d/c/b/a), met wit, rood, bruin, licht- en donkerblauwe ikatpatronen. De middenbaan toont een kruis- of garnaalmotief, afgewisseld met slangen en vissen. In de volgende baan heeft de doek een patola ratu motief (= slangenhuid) en verder afbeeldingen van dieren van het land, de zee en de lucht. Afwerking van de randen ontbreekt. Mannendoeken worden traditioneel in paren gedragen, één als lendendoek en één als schouderdoek. De doeken met patola ratu motief mogen alleen gedragen worden door adellijke mannen. In Sumba worden doeken niet alleen gemaakt om gedragen te worden maar zijn ze ook belangrijk als gift of grafdoek.