Land van herkomst
groeide op in Nederlands-Indië/Indonesië en kwam pas als jonge tiener naar Nederland. Zijn deels Chinees/Javaamse afkomst werd in de kunstgeschiedenis vaak terloops genoemd, maar zelden serieus genomen als onderdeel van zijn identiteit. Alsof zijn kunstenaarschap volledig losstond van de wereld waarin hij werd geboren. Dat zegt misschien minder over Toorop zelf, en meer over hoe er lange tijd is omgegaan met Indische wortels: ze waren er wel, maar bleven onbesproken. Wie naar zijn werk kijkt, ziet geen letterlijke beelden van Indonesië. Geen palmbomen of rijstvelden, geen koloniale taferelen. En toch is er iets in zijn kunst dat schuurt, zoekt en zich onttrekt aan vaste kaders. Zijn lijnen zijn golvend en onrustig, zijn figuren vaak dromerig of mystiek. In zijn symbolistische werken lijkt hij voortdurend te balanceren tussen werelden – het aardse en het spirituele, het zichtbare en het onzegbare. Het is verleidelijk om daarin ook iets te herkennen van een Indische ervaring: het leven tussen culturen, tussen herkomst en bestemming.


