Op dienstbevel naar Nederland
Generaties lang dienen Molukse mannen in de : het Koninklijk Nederlands-Indische Leger. Maar als Nederland eind 1949 na de Japanse bezetting en de bloedige dekolonisatieoorlog tegen de Indonesische president de strijd opgeeft, is de toekomst onzeker. Vele Molukkers willen niet dat de Molukse eilanden onderdeel worden van de Republiek Indonesië. Daarom roepen ze op de vrije Republiek Maluku Selatan (RMS) uit. Maar de wordt niet erkend. Niet door Nederland, niet door Indonesië en ook niet door de Verenigde Naties.
Een onmogelijke keuze
In 1950 zijn zo’n vierduizend Molukse KNIL-militairen gelegerd in vijf kazernes op Java. Zij mogen niet terugkeren naar Ambon. Overplaatsing naar Nederlands Nieuw-Guinea is ook niet toegestaan uit angst van Indonesië dat ze zich zullen aansluiten bij de vrijheidsstrijd van de RMS. Dan heft de Nederlandse staat in juli de KNIL op en krijgen de Molukse militairen voorlopig de status van militair in de Nederlandse Koninklijke Landmacht. Die status is tijdelijk: de militairen moeten kiezen tussen aansluiting bij het Indonesische leger of afvloeiing. De eerste optie zien de Molukkers als verraad, de tweede keuze is geen optie, want ze mogen niet terugkeren naar de Molukken.



