Ga direct naar de content

Verborgen Ketens

Slavernij en uitbuiting in de Indische Oceaan

In deze les duik je in een onderbelicht hoofdstuk uit de Nederlandse geschiedenis: het slavernijverleden van de Indisch Oceaan. Je onderzoekt hoe slavernij in Azië functioneerde, welke rol Nederland daarin speelde en hoe dit verleden doorwerkt in hedendaagse vormen van uitbuiting en moderne slavernij. Aan de hand van historische bronnen, morele dilemma’s en actuele kwesties zoals kinderarbeid en palmolieproductie word je aangespoord om kritisch na te denken over koloniale geschiedenis én je eigen rol in de wereld van vandaag.

  • Niveauvo

  • Lesvormhele les

  • Duur45 minuten

  • Aanbieder
    het Indisch Herinneringscentrum
  • Thema'sSlavernij en gedwongen arbeid, Indonesisch nationalisme en onderdrukking

  • OnderwerpenSlavernij, Kolonialisme , Multiperspectiviteit

Introductie

Bij geschiedenis heb je geleerd over de trans-atlantische slavenhandel: mensen uit verschillende Afrikaanse landen die tot slaaf werden gemaakt en naar de Amerika's, Suriname en het Caribisch gebied werden gebracht en verkocht om te werken op plantages. Wat veel mensen niet weten, is dat de slavernij ook in Azië (Indisch Oceanië) wijdverspreid was. Ook de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) had hier een aandeel in. Tot slaaf gemaakten deden allerlei soorten werk: in de scheepsbouw, op plantages, in de mijnbouw of als bedienden in huizen van hoge VOC-functionarissen. Slavernij in Azië was onderdeel van een groeiende wereldeconomie. Slavernij in Azië was ingewikkeld. Mensen werden om verschillende redenen tot slaaf gemaakt: bijvoorbeeld door oorlog, ontvoering of omdat ze schulden hadden. Handelaren en VOC-personeel vervoerden tot slaaf gemaakten over grote afstanden binnen Azië. Zo werden mensen van India en Sri Lanka naar Indonesië gebracht, of van Oost-Afrika naar andere delen van Azië. Ook werden mensen uit Indonesie, Sri Lanka en India naar de Kaapkolonie in Zuid-Afrika gebracht. Naast de VOC, handelde veel VOC-personeel op eigen initiatief in slaafgemaakten. Veel VOC-medewerkers kochten en verkochten mensen tijdens hun reizen door Azië om extra geld te verdienen. Dat werd door de VOC toegestaan. Soms namen ze zelfs een omweg om in andere havens meer tot slaaf gemaakten aan boord te nemen – ook al was dat officieel verboden.


Slavernij is geen afgesloten hoofdstuk uit het verleden. Bedrijven en regeringen wereldwijd houden vandaag nog systemen in stand die leiden tot moderne slavernij, zoals kinderarbeid, dwangarbeid en uitbuiting bij de productie van bijvoorbeeld palmolie. Veel van deze producten komen uiteindelijk terecht in onze supermarkten of kledingwinkels. Denk aan cacao, kleding, elektronica en palmolie. Vaak heeft ook Nederland via handel of consumptie hiermee te maken.

In deze lesbrief ga je:

  • Onderzoeken hoe slavernij in Azië georganiseerd was;
  • Reflecteren op de morele keuzes van toen én nu;
  • Leren over met moderne slavernij en uitbuiting;
  • Leren hoe het slavernijverleden doorwerkt in het heden.

Aan het eind van deze lesbrief kun je:

  • Beschrijven hoe slavernij in Azië functioneerde;
  • Uitleggen wat de rol van Nederland hierin was;
  • Een verband leggen tussen historische slavernij en moderne vormen van uitbuiting;
  • Reflecteren op morele en maatschappelijke vraagstukken die hiermee samenhangen.

Opdrachten en thema's

In deze lesbrief komen verschillende thema's aan bod die gerelateerd zijn aan onze koloniale -en slavernijgeschiedenis, tot aan vormen van moderne slavernij nu. In verschillende opdrachten worden leerlingen uitgedaagd om kritisch te denken, reflecteren en in discussie te gaan over thema's als (on)vrijheid, onderdrukking, verzet en identiteit.


Er zijn opdrachten over:

  • Vormen van slavernij in Azië
  • Banda-eilanden en slavenplantages
  • Het leven van Untung Surapati
  • Javaanse contractarbeiders naar Suriname
  • Moderne slavernij
  • De prijs van palmolie
  • Keti Koti