Ga direct naar de content

Interview Doortje Mol-Verweij

Den Haag, 2009

Emma Theodora Verweij werd op 10 januari 1937 geboren in Nederlands-Indië en groeide op op theeplantages op Java. Haar moeder, verpleegster van opleiding, combineerde het gezinsleven met sociaal en medisch werk op de onderneming. Kort voor de Japanse bezetting werd Emma’s vader opgeroepen voor militaire dienst en raakte het gezin van hem gescheiden. Emma, haar moeder en zusje kwamen terecht in Kamp Kramat bij Batavia, naast het beruchte Tjideng. Hoewel de omstandigheden zwaar waren, ervoer Emma dit kamp later als minder wreed dan andere. In het geheim gaven nonnen onderwijs, waarbij Japanse controles zorgvuldig werden ontweken. Het dagelijks leven werd bepaald door honger, gebrek aan water en voortdurende onzekerheid. Na enkele overplaatsingen en een periode van scheiding door ziekte keerde het gezin terug naar Kramat. De bevrijding in augustus 1945 werd daar uitbundig gevierd. Emma’s vader werd na de oorlog verzwakt maar levend teruggevonden. In 1946 keerde het gezin terug naar Nederland, waar herstel en een nieuwe start centraal stonden. Dit interview werd afgenomen als onderdeel van het project "Het Jaar 2602" over de Japanse bezetting van Nederlands-Indië in de periode 1942-1945.

Type
interview
Onderdeel van
Oorlog, vrede en recht, WO 2, Zuidoost-Azië
Identificatie
229473
Trefwoorden
  • concentratiekampen,
  • treinen,
  • interviews
Locatie
Gemaakt op
2009
Licentie
Erfgoedcollecties zijn meestal vanuit een Westers en koloniaal perspectief tot stand gekomen.