Ga direct naar de content

Interview Thea Meulders

Haarlemmermeer, 2009

Thea Mulders blikt in dit interview terug op haar vroege jeugd in Nederlands-Indië, die werd getekend door de Japanse bezetting en het verlies van haar vader. Als dochter van een KNIL-officier herinnert zij zich slechts flarden van hem, waaronder zijn bruine ogen en een laatste omhelzing. Haar vader werd tijdens gevechtshandelingen gevangengenomen en onthoofd, een verhaal dat Thea pas veel later hoorde. Tijdens de oorlog verbleef Thea met haar moeder en zusje in verschillende kampen op Sumatra. Ze schetst een beeld van extreme schaarste, waarbij ze op jonge leeftijd al taken overnam zoals water koken en haar zusje verzorgen. Het kampleven was apathisch en gericht op overleving; ze herinnert zich de honger, het monotone voedsel en de constante dreiging van de Japanse bewakers. Een zeldzaam lichtpunt was een Sinterklaasviering met geïmproviseerde middelen, wat voor haar als kind een diepe indruk maakte. Na de capitulatie van Japan volgde een onveilige periode tijdens de Bersiap, waarin het gezin werd beschermd door Britse troepen tegen Indonesische nationalisten. In 1946 repatrieerde het gezin naar een koud en vreemd Nederland. Ondanks de trauma’s put Thea kracht uit haar ervaringen: ze leerde de waarde van teamgeest en de noodzaak om altijd een uitweg te zoeken uit negatieve omstandigheden. Dit interview werd afgenomen als onderdeel van het project "Het Jaar 2602" over de Japanse bezetting van Nederlands-Indië in de periode 1942-1945.

Type
interview
Onderdeel van
Oorlog, vrede en recht, WO 2, Zuidoost-Azië
Identificatie
229467
Trefwoorden
  • concentratiekampen,
  • treinen,
  • interviews
Gemaakt op
2009
Licentie
Erfgoedcollecties zijn meestal vanuit een Westers en koloniaal perspectief tot stand gekomen.