Ga direct naar de content

Schoolplaat 119. Kaartspelers. Midden-Java

Haarlem, omstreeks 1912

Een schoolplaat met een zwart-wit foto in een wit kader "119. Kaartspelers. Midden-Java." Linksonder: "Kleynenberg & Co, Haarlem.” Een groep Javaanse mannen zittend op de grond geconcentreerd bezig met hun kaartspel. Bij de schoolplaten hebben een aantal hoogleraren en deskundigen uit die tijd toelichtende teksten geschreven. De toelichtende tekst bij deze afbeelding is van Prof. dr. A.W. Nieuwenhuis: "Plaat 119 geeft op welsprekende wijze een spel weer, dat inderdaad tot volksspel geworden is, het kaartspel, maar met Chineesche kaarten. De Chineezen hebben namelijk hunne kaarten en de wijze ze te gebruiken onder de Inlanders ingang weten te doen vinden. Zeker is dit wel in de hand gewerkt daardoor, dat zij ook op dit gebied veel als pachters van tol- en andere spelen en als licentiehouders optraden, vooral op Java. Gedragen door den boven bij plaat 116 reeds beschreven drang naar vermaak bij zoovele Indische volken, heeft het spelen onder hen, evenals het wedden, meestal niet meer den aard van een onderonsje behouden, maar allerlei Chineesche spelen als dobbelen met steenen of tolletjes enz. worden in 't groot op touw gezet. Het zijn wel in het bijzonder de Chineezen, die vanouds met grooten ijver daaraan deelnemen, maar hoewel zulks verboden is, beproeven. Inlanders, soms langs omwegen, een kansje bij die geluksspelen. Vandaar dat de speelpacht een streng toezicht vereischt. Zij is reeds zeer oud; de Indische vorsten kenden haar reeds bij de komst der Europeanen ongeveer 1500 en ook de Oost-Indische Compagnie nam haar toevlucht tot deze bron van inkomsten. Zij schijnt evenwel ingevoerd te zijn als strijdmiddel tegen het speeleuvel, dat de overheden niet alleen tegenover Inlanders, maar ook tegenover Chineezen en Europeanen meenden te moeten beproeven. De hartstocht voor het spel vervoerde toen reeds die allen tot de grootste buitensporigheden. Chineezen en Inlanders moesten zich dikwijls voor hunne speelschulden als slaven laten verkoopen, gelijk dat nog tot voor kort geleden in de Buitenbezittingen voorkwam; familien verarmden erdoor, diefstal en moord waren er de gevolgen van. Geen wonder dus, dat de pogingen dit euvel tot de kleinst mogelijke verhoudingen terug te brengen, door, de regeeringen steeds weer zijn aangewend. Met betrekking tot de spelers op deze plaat geldt veel van hetgeen daaromtrent bij plaat 42 verteld werd. De hoofddoeken zijn hier nog vollediger, alle naar Djokja'sch model, om het hoofd gevouven; de man met de kris, die rechts gezeten is, houdt een wajangmasker in de hand en heeft er nog een voor zich liggen. De spelers houden die van achteren aan rotan tusschen de tanden vast. De groote mat, waarop het spel plaats heeft, is een der in Indië als vloerbedekking of wel als onderlaag in een bed gebruikte; zij bestaat uit gehalveerde dunne rotans, die naast elkaar doorregen en aan de einden omvlochten zijn."

Type
schoolplaat
Onderdeel van
Oorlog, vrede en recht, Kolonialisme
Identificatie
220411
Trefwoorden
  • schoolplaten
Materiaal
papier
Periode
  • omstreeks 1912
Locatie
Licentie
Erfgoedcollecties zijn meestal vanuit een Westers en koloniaal perspectief tot stand gekomen.