Ga direct naar de content

Schoolplaat 75. Katoenveld op Soemátra

Sumatera, omstreeks 1912

Een schoolplaat met een zwart-wit foto in een wit kader "75. Katoenveld op Soemátra.” Linksonder: "Kleynenberg & Co, Haarlem.” Een katoenplantage met een op palengebouwde hut. In het veld twee personen onderaan bij de hut. Bij de schoolplaten hebben een aantal hoogleraren en deskundigen uit die tijd toelichtende teksten geschreven. De toelichtende tekst bij deze afbeelding is van Dr. A.W. Nieuwenhuis: "Met plaat 75, het inlandsche katoenveld op Soematra, betreden wij het gebied der inlandsche weefnijverheid. In het door Maleiers bewoonde, westelijke gedeelte van den Archipel wordt of werd door de vrouwen overal geweven en zonder twijfel hebben zij dit oorspronkelijk met eigen verbouwde en gesponnen katoenen gedaan. Die inlandsche nijverheid is echter door den invoer van zooveel goedkoopere en betere handelswaren der Europeanen zeer veranderd. Vooreerst wordt ingevoerd katoenen draad heel veel in plaats van de eigen verbouwde aangewend; de inlandsche weefsels zelf geraken evenzoo door de mededinging der ingevoerde veeltijds in onbruik. Dat neemt niet weg, dat de katoenteelt in den Archipel vrij algemeen bekend was en bijv. op Java vele soorten katoen werden verbouwd. Onder de Inlanders, die nog tegenwoordig hierin meer verrichten, behooren de Palembangers, die zelfs nog een, zij het ook geringen uitvoer van ruwe katoen naar Japan en China bezaten. In de laatste jaren blijkt het, dat de wereldproductie van katoen te gering wordt en in tal van landen in en bij de tropen legt men zich op vermeerderden aanplant toe. Onder bescherming der regeering doet men dit tegenwoordig, evenals veel vroeger trouwens ook reeds, in Nederlandsch-Indië op verschillende plaatsen; het best slaagde men daarin onder de bevolking van de residentie Palembang, waar de inheemsche teelt slechts verbeterd behoefde te worden. Hoewel eene voldoende uitbreiding nog niet bereikt wordt en vooral de veredeling van katoen door gebruik van beter zaad en grondiger verpleging van den aanplant nog onvoldoende is, neemt toch de uitvoer aanhoudend toe. Een der onder Europeesch toezicht (zie den Europeeschen ambtenaar) staande, inlandsche velden met het eenvoudige wachthuisje is hier afgebeeld. De katoenstruiken bedekken hier eene groote oppervlakte. Zij brengen in de vruchten als zaadpluis een witte vezelmassa voort, waarvan onze katoen verkregen wordt. Met kleine werktuigen, veelal houten handwalsen, tusschen welke de zaden met de vezelmassa doorgetrokken wordt, scheurt men de katoenvezels van de groote zwarte zaden af, die terugvallen en 30-40 % katoenolie en veevoederkoeken leveren. De vezels worden door de inlanders tot draden gesponnen en van deze wordt katoen geweven. Van de lengte, de fijnheid, de zuiverheid en den glans der vezels hangt de hoedanigheid en dus de waarde op de wereldmarkt vooral af. De uitvoer van katoen uit Nederlandsch-Indië bereikt tegenwoordig een hoogte van 10 millioen kilo per jaar."

Type
schoolplaat
Onderdeel van
Oorlog, vrede en recht, Kolonialisme
Identificatie
220367
Trefwoorden
  • schoolplaten,
  • plantages
Materiaal
katoen
Periode
  • omstreeks 1912
Licentie
Erfgoedcollecties zijn meestal vanuit een Westers en koloniaal perspectief tot stand gekomen.